Leerlingen kunnen pas sociaal zijn wanneer zij voldoende zelfvertrouwen krijgen. Zelfvertrouwen wordt gestimuleerd door mensen aan te spreken op wat ze kunnen, waar ze goed in zijn, en niet op wat er nog aan schort. In de mentorklassen worden leerlingen dagelijks gezien en begeleid door docenten die hun ontwikkeling volgen en aanspreken op hun talenten.

Leerlingen met zelfvertrouwen kunnen de verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen ontwikkeling. Dat is een belangrijk en geleidelijk proces, dat begeleid wordt door de docenten. Ze krijgen ruimte en kansen om initiatieven te nemen. Docenten stimuleren hen om zo veel mogelijk zelf te onderzoeken en ondersteunen hen bij het zelf oplossen van hun problemen.

De leerlingen participeren op basis van hun talenten in het reilen en zeilen van de school, bijvoorbeeld in coachende rollen, in het meedenken over beleid en in het organiseren van activiteiten. Ze werken daarom niet alleen aan vakken zoals rekenen, Engels, biologie, techniek en Nederlands, maar ook aan vermogens als verantwoordelijkheid, betrouwbaarheid, omgaan met anderen, zelfstandigheid, probleemoplossend vermogen e.d.